Reisverhaal De Gouden Cirkel
Like ons op Facebook

Reisverhaal De Gouden Cirkel

door Onbekend

Bijna alle reisbureau's hebben dit rondje door het noordoosten van Amerika in hun pakket. Je kunt het dus met recht de Gouden Cirkel noemen. De tocht kun je zowel met een touringcar als met een huurauto maken.

Bijna alle reisbureau's hebben dit rondje door het noordoosten van Amerika in hun pakket. Je kunt het dus met recht de Gouden Cirkel noemen. De tocht kun je zowel met een touringcar als met een huurauto maken. Wij - Casper van den Broek (37) en Aty Palsenbarg (34) - reden deze route in de zomer van 1998 met een huurauto. Het was onze eerste Amerikareis. We zullen regelmatig vergelijkingen maken met Nederland of Europa. Dat doen we bewust. Allereerst om een duidelijk beeld te schetsen, en op de tweede plaats omdat dit gebied het sterkst te maken heeft met Europese invloeden.

New York

Aankomst op Newark International Airport, het tweede vliegveld van New York. Eerste tip: ga niet lopen zoeken naar andere middelen van vervoer, maar loop meteen naar het Groundstation van de shuttlebusjes. De dame achter de balie had binnen een kwartier zo'n collectief taxibusje voor ons geregeld. Dat was van Gray Line en bracht ons voor 14 dollar naar ons hotel in Downtown Manhattan.

Het is inmiddels drie uur in de middag en dan kun je niets anders doen dan wat acclimatiseren. De drukte van de stad komt aan alle kanten op je af. Acclimatiseren is een ander woord voor shoppen. Kortom, Fifth Avenue en Times Square, met z'n vele warenhuizen. Naar de top van het Empire State Building klimmen heeft geen zin. Die zit met z'n hoofd in de wolken. Aan het einde van onze reis hebben we meer tijd om New York te bezichtigen.

New York - Cape Cod

Voor het eerst ontbijten tussen de Newyorkers, in zo'n echte Amerikaanse ontbijtbar. Een jonge serveerster flapt er tegen de gasten plat Amerikaans uit, maar de bestellingen roept ze in het Spaans in de richting van de keuken. Ze heeft de touwtjes stevig in handen.

We gaan naar het John F. Kennedy vliegveld om de huurauto op te halen. Je kon hem ook in het hartje van het drukke New York krijgen, maar dat leek ons wat te veel gevraagd voor een beginneling. Toch zitten we vanaf de snelweg meteen bij een verkeerde afslag en komen we in de straatjes van de wijk Queens uit. Het is dan half twee in de middag. Meteen doemen er beelden op van een dwaaltocht die eindigt in de Bronx en een overval door een van de vele jeugdbendes. Gelukkig vinden we weer snel de snelwegen 495 en 695 en komen we op de grote kustweg (nummer 95).
Wat er over de snelwegen in Amerika wordt gezegd blijkt te kloppen. Ze rijden heerlijk ontspannend, zonder al die snelheidsduivels. Het kost ons in het begin de grootste moeite ons snelle Hollandse tempo wat te temperen. New York laten we al snel achter ons. De afslagen Harvard en Stamford en z'n mooie universiteiten lokken wel. Toch maar doorrijden.

Rond acht uur arriveren we in het kuststadje Hyannis op het schiereiland Cape Cod. Het heeft wel iets weg van Texel: veel stranden en hoge duinen, aangevuld met lange rijen vakantieparken en hotels. Het is een van de populairste vakantieoorden van de oostkust. Ook John F. Kennedy had hier zijn zomerhuis. Alleen jammer dat je niet zo maar het strand op kunt. We komen bij een parkeerplaats waar je eerst tien dollar moet neertellen.

Cape Cod - Boston

Ons hotel is van een hoog Hi-Di-Hi-gehalte. Je weet wel, van die comedy-serie over een Engels vakantiekamp voor families. Hyannis telt veel senioren, maar in ons hotel zitten juist veel kinderen. In een klein zaaltje krijgen we van een soort Rosaenne een beker koffie met een donut. Haar kleine kinderen schreeuwen naar elkaar om de barbiepoppen in een grote, roze auto.

De route 6A loopt dwars over het schiereiland Cape Cod, parallel aan de hoofdroute 6. Niet voor niets heet dit de Historic Route. Veel mooi, houten huisjes en fleurige dorpen. Af en toe bekruipt ons het gevoel, is dit nu Amerika? Het had net zo goed Europa kunnen zijn. Maar je kunt natuurlijk ook niets anders verwachten op de grens van New England.

Na het schiereiland verlaten te hebben kom je bijna vanzelf in het kuststadje Plymouth. Het is alsof het vanuit Engeland zo is overgepoot naar de andere kant van de Atlantische Oceaan. Je gelooft je ogen niet. In deze stad kwam de Mayflower aan, het schip waarmee de Pilgrim Fathers vanuit Leiden in 1620 overstaken om aan godsdienstvervolging te ontkomen. In de haven ligt een replica. Je krijgt medelijden met de opvarenden. Wat is dat ding klein.

Voor het eerst zitten we in een echte Amerikaanse Cyberbar. Achter de computers zitten hier echter geen internet-freaks. Het is meer zo'n café dat je tegenwoordig ook in Nederland ziet en waar je alle soorten koffie en thee kunt bestellen, aangevuld met viergranen-cake. Een klein meisje ratelt op het toetsenbord. Haar pop ligt naast de monitor. Toch even kijken wat de Telegraaf en NRC te melden hebben. Gelukkig niets bijzonders.
Rond drie uur zijn we in Boston. Voor het eerst verwensingen geuit aan het adres van de reisorganisatie. Hoe kunnen ze nu een hotel midden in de stad uitkiezen. Alles zit muurvast. Het nadeel van menige Amerikaanse stad is dat als je één keer verkeerd afslaat je aan de haaien bent overgeleverd. Ergens even snel tussendoor piepen om je fout te herstellen is er niet bij. Pas om vijf uur bereiken we ons hotel. Achteraf gezien hadden we beter kunnen omrijden en via de westelijke kant de stad inrijden.

De boosheid is 's avonds al weer verdwenen als we het historische Boston bekijken. De combinatie van wolkenkrabbers en oude huisjes is op geen enkel moment storend. Voor toeristen is het heel makkelijk gemaakt. Volg de rode lijn op het trottoir en je wordt langs alle attracties van de Amerikaanse Revolutie gevoerd.

Boston - Bar Harbor

Over de inmiddels vertrouwde kustweg 95 rijden we verder naar het noorden. Bij snelweg 395 gaan we er even af voor het kustplaatsje Salem. Het is beroemd omdat daar in 1692 het grootste heksenproces plaatsvond en negentien mensen de dood vonden.

Het blijft wonderlijk om te zien hoe anders Amerikanen met geschiedenis omgaan dan Europeanen. Enerzijds intensiever en bewuster, maar anderzijds veel kinderlijker. Voorwerpen hoeven niet echt te zijn, als ze maar een bepaald gevoel oproepen. Het Salem Witchcraft Museum toont je geen perkamenten van het heksenproces of oude gravures. We komen midden in een zaal te staan, waar een show wordt opgevoerd met poppen uit het sprookjesbos van De Efteling. Erg leerzaam....!

Tegen de avond bereiken we Bar Harbor. Dit stadje ligt op het eiland van het Arcadia National Park. Slechts een kleine weg verbindt het met het vasteland. Dat het een vakantieoord was voor miljonairs verbaast ons niets. Wat is de natuur hier overweldigend. Je ziet er dan ook veel wandelaars, en zelfs bergbeklimmers.

Ook hedentendage is Bar Harbor nog niet overgeleverd aan het patat-toerisme. Holistic City is een betere naam. Voor het hoger opgeleide publiek zijn er volop winkels met New Age, Keltische stenen, walvis-excursies en sweatshirts van ongebleekt katoen.
En wat te denken van onze lodge. Vanaf ons balkon kunnen we zo in zee stappen. In de verte dobberen lege vissersbootjes. Hier willen we onze hele vakantie blijven.

Bar Harbor - Québec

De mooiste tocht tot nu toe, dwars door de wouden van de staat Maine en Canada. We wijken af van de normale hoofroute. Highway 95 rijden we in zuidelijke richting, maar bij Newport gaan we eraf. Via Dexter, Guilford en Greenville komen we bij het Moosehead Lake. Onderweg komen we bijna geen kip tegen, maar wel een Moose (soort eland). Je beleeft de kick van de jager, alleen dit keer met een fototoestel. Kunnen we hem schieten? Nergens in Europa kom je zulke uitgestrekte bossen tegen.

Bij Jackman rijden we de Canadese provincie Québec binnen, en direct zie je de ingreep van mensenhanden. Het is net Frankrijk. Overal landerijen, met plukjes bos. De huizen zien er anders uit dan in Amerika. Ze zijn vooral netter. Alles is hier iets overzichtelijker, met wat minder toeters en bellen. En er wordt op de snelwegen gelukkig wat minder met je gecommuniceerd, zeg maar gerust tegen je geschreeuwd (reclameborden en vermanende overheidskreten).

Québec - Montréal

De Franstalige stad Québec is een paradijs voor de toerist. Overzichtelijk, leuke winkelstraatjes, prachtige gebouwen en een magnifiek uitzicht op de honderd meter dieper liggende Saint Lawrence rivier. Goed voor enkele uren ongestoord flaneren. Hoogtepunt is Château Frontenac, een soort Efteling-kasteel aan de boulevard. Daarnaast ligt de militaire citadel, die absoluut niet onder doet voor onze Naarden Vesting. Je snapt nu ook waarom de Engelsen pas Québec konden veroveren nadat zij de Fransen uit dit fort hadden gelokt. Anders was het hen vast niet gelukt.

In deze stad kun je ook eindelijk weer eens ontsnappen aan de hamburger-cultuur en dus lekker eten. Als je bij de Rue Saint Jean de stadspoort uitloopt, kom je in een lange straat met genoeg leuke restaurantjes.

Montréal is daarentegen een rare stad. Er wordt weleens gezegd dat het is gegroeid in de hoogte en de diepte. Dus enerzijds veel wolkenkrabbers, en anderzijds een uitgebreid metronet met shopping-malls. Zo kan de bevolking aardig de ijzig strenge winters doorkomen.
Het heeft Montréal echter geen goed gedaan. Het centrum is samen te vatten onder het oude gezegde 'Vleesch noch Visch'. We wanen ons in de financiële city van Londen, waar de gebouwen de macht hebben overgenomen en de mens slechts een vreemde indringer lijkt.

Montréal - Ottawa

Kies daarom in Montréal voor een wandeling door een van de buitenwijken, waar een betoverende rust en gezelligheid van afstraalt. Of beter nog, pak de metro naar station Pie IX. Daar vind je een samenballing van attracties, zoals het Olympisch Stadion (1976), de botanische tuin en de natuurkoepel Biodome. We zijn er de hele dag zoet geweest.

Het stadion behoort tot een van de mooisten in de wereld. Je kunt er een excursie krijgen of met een liftje de torenhoge pilaar op. Het geeft je een waardig uitzicht over de stad.

Wij kozen echter voor de botanische tuin (1931). Na Kew Gardens in Londen is het de grootste in de wereld. Kew kan natuurlijk nooit worden overtroffen, maar Montréal doet in ieder geval een goede poging in die richting. Neem eerst het gratis treintje om je langs alle hotspots van de tuin te voeren. Je kunt op zes plaatsen zo vaak in- en uitstappen als je maar wilt. Daarna kan de wandeling beginnen. Een ware belevenis is de Chinese tuin, de grootste buiten Azië. Er zijn Chinese paviljoens en diverse tentoonstellingen. Dat geldt ook voor de Japanse tuin. Verder heb je er onder meer tien tuinkassen, een voorbeeldtuin met ideeën voor de hobbytuinierder en kindertuin waar vele generaties Montréallertjes les kregen en in de aarde mochten wroeten.

Het Biodome valt daarna wat tegen (Combinatiekaart en gratis pendelbus in samenwerking met de botanische tuinen). Onder de grote glazen koepel bevinden zich vier natuurgebieden, van het regenwoud tot de zuidpool. En dat alles met levende dieren. Maar het blijft een pinquin naast een machine voor gestampte ijsklontjes. Opnieuw: 'Vleesch noch Visch'. Ga de natuur in als je natuur wilt zien, en als je gek bent op vreemdsoortige dieren, kies dan voor een bezoek aan de dierentuin.

Het centrum van de stad Ottawa is een Junk Food Jungle. Tussen al het Whopper-, KFC- en McShake-geweld vinden we 's avonds na lang zoeken eindelijk een leuk restaurant (The Silk Road) aan de gerestaureerde Byward Market. Je proeft dat dit Afghaanse eten met liefde is bereid.

Ottawa - Toronto

De kracht van hoofdstad Ottawa is niet het centrum - de paar protserige regeringsgebouwen zijn voor een Europeaan eerder aandoenlijk dan imposant - maar het Museum of Civilisation. Steek daarvoor de grote brug over naar het plaatsje Hull. Het is een splinternieuw museum vol hightech en multimedia (onder andere een Imax-filmtheater met een groot scherm) over de geschiedenis van Canada. Toch is het geen Walt Disney-wereld. Als bezoeker word je serieus genomen. We krijgen bijvoorbeeld alle details over het leven van de Canadese indianen. Ook de belangrijke rol van de trein wordt getoond.

Een nagebouwd koloniaal dorp is niet van echt te onderscheiden, en om iedereen te vriend te houden wordt de strijd tussen de Engelsen en Fransen maar even vergeten. Een vlag op een modderschuit is echter de vaste tentoonstelling over het oude Egypte. Het is de enige expositie over een niet-Canadese cultuur. Daar hadden ze beter iets kunnen laten zien over bijvoorbeeld de moderne Canadese cultuur, dus van na 1945. Want nog meer dan de VS is het vriendelijke Canada een smeltkroes (Melting Pot) geworden van alle wereldculturen.

Toronto, waar we tegen de avond arriveren, is een stad die iedereen zal aanspreken. Het is een absolute metropool (meer dan drie miljoen inwoners), maar straalt een vriendelijk karakter uit en is honderd procent overzichtelijk (rasterpatroon). Via de Don Valley Parkway ben je vanuit Ottawa zò in Downtown Toronto. Wij nemen echter één keer een verkeerde afslag. Maar ook dan is het hotel in de binnenstad bijna blindelings te vinden.

Toronto - Niagara Falls

Wat gaat het er ontspannen aan toe in Toronto. Vooral nu het Canada Day is, de verjaardag van het land. De Canadezen vieren dat met een vrije dag en een vlaggetje in de hand en op het gezicht. Het is een manier om het gevoel van saamhorigheid te versterken, maar veel heeft het niet om het lijf. Het hoogtepunt is het vuurwerk in de avonduren.

Over Younge Street lopen we langs de gesloten winkels naar het havenfront. Daar zit iedereen heerlijk in het gras of op een van de terrasjes van het zonnetje te genieten. In de verte vertrekt een kleine veerboot naar het recreatie-eiland aan de overkant. Achter ons staat de CN Tower, met z'n 533 meter de hoogste van de wereld. Boven in deze radiotoren uit 1989 is net alles weer gerestaureerd en heb je nu een multimedia-show. Toch maar niet naar boven. Te druk, te duur (22 dollar om alle attracties te zien), maar vooral, ....te hoog.

Op Younge Street zijn inmiddels de winkels opengegaan en lopen we parallel aan de winkelstraat door de immense Shopping Mall van het Eaton Centre. Het zijn vele honderden winkels onder één dak. Omdat we een keer echt Hollands willen eten zoeken we naar een Chinees. Achterin op de onderste verdieping zien we een rij mensen voor een restaurant staan. We sluiten aan en kunnen korte tijd later gebruik maken van een Chinees buffet. Heerlijk.

Via de snelweg (Queen Elisabeth Way - QEW) rijden we langs het Lake Ontario naar de grens met de Verenigde Staten. In Niagara zelf is een brug die de grens vormt. Over de watervallen hoor je verschillende verhalen. Voor de Amerikanen is Niagara wat Mekka voor de moslims is. Iedereen moet er een keer in zijn of haar leven zijn geweest. Termen als de grootste en de mooiste worden veel gebruikt. Anderen vinden er weer niks aan. Je kunt er niet eens een foto maken, vanwege de omliggende industrie, zeggen zij.

Ons vallen de watervallen honderd procent mee. In het stadspark lopen we met de kolkende rivier mee, om hem vervolgens in het niets te zien verdwijnen. Tien stappen verder en je ziet wat er mee is gebeurd: een kolkende massa die in een zee van mist naar beneden valt. Een van de attracties is een bootje dat tot bijna onder de waterval vaart. De passagiers krijgen een regenpak.

Dan volgt een lange tocht van 580 kilometer naar Gettysburg. Van Niagara is dat een klein stukje naar Buffalo, daarna snelweg twintig tot Rochester, de 390 in zuidelijke richting tot Corning en tenslotte de lange route vijftien tot aan Gettysburg.

Bij dit stadje werd tussen 1 en 3 juli 1863 de grootste slag tussen 'North & South' in de Amerikaanse burgeroorlog gehouden. Zo'n 160.000 Noordelijken en Zuidelijken stonden daar tegenover elkaar.

Het is al zes uur geweest, dus het Visitors Center tussen een zee van graven en monumenten is al gesloten. De Gift Shop 'Blue & Gray' is nog wel open. Daar kopen we kaartjes voor de Reenactment van de volgende dag. Het is precies 135 jaar geleden dat de slag werd gevoerd, en daarom komen 20.000 Reenactors uit alle staten van de VS het nog eens dunnetjes overdoen. Overigens, ook op andere dagen van het jaar loop je de kans deze geuniformeerde acteurs met losse flodders op elkaar te zien schieten.

Gettyburg - Williamsburg

Het kamp van de Reenactors ligt op een veld buiten zowel het stadje als het oude slagveld. Overal zien we blauwe en grijze uniformen en vrouwen in hoepelrokken. Er komt net weer een grote truck aan met een veetrailer. Achter elkaar springen er een stuk over dertig zuidelijken uit. Alles in het kamp is in de oude stijl opgetrokken. Het dragen van bijvoorbeeld een polshorloge is uit den boze. Verder telt het kamp genoeg tenten voor souvenirjagers, en kun je een 'echt' uniform of hoepelrok aanschaffen.

Het gratis Visitors Center is op deze Gettysburgdag zo druk dat je over de hoofden kunt lopen. Het meeste indruk maken de twee in elkaar gedrukte kogels. Op een gegeven moment was er tijdens de slag zoveel geweervuur dat de kogels op elkaar ketsten. Tenslotte is er bij het Visitors Center nog een van de in de wereld weinig overgebleven Panorama of rondom-schilderijen. Een ander voorbeeld is Panorama Mesdag in Den Haag.

Te laat - rond twee uur - vertrekken we naar Williamsburg. De rit valt reuze tegen. Vooral ook omdat we na snelweg 81 en 66 bij Front Royal over de bergrug (Skyline Drive) van het Shenandoah National Park rijden. Het staat bekend als een van de mooiste natuurparken van de USA - niet voor niets heffen de Parc Rangers tien dollar per auto. Het vervelende is echter dat je pas na 109 miles van het kronkelende natuupad af kunt om weer op een snelweg te komen. Pas om half twaalf arriveren we in ons hotel in Williamsburg.

Williamsburg - Washington

Colonial Williamsburg kun je het beste vergelijken met het Openluchtmuseum van Arnhem. Alleen betaal je hier geen kaartje bij de hoofdingang, maar bij elk huisje of boerderijtje. Natuurlijk kun je ook een passe-partout kopen, maar dan ben je 35 dollar kwijt. Alles is in de achttiende eeuwse, koloniale stijl, ook de kleding van de medewerkers. En op zo'n zinderend hete nationale onafhankelijkheidsdag (Fourth of July) - we zitten immers al in het zuidelijke Virginia, is het natuurlijk een drukte van belang.

Onze vreugde wordt echter getemperd, omdat we de sleutels van de huurauto kwijtgeraakt zijn, een probleem dat vaak schijnt voor te komen. Waarom krijg je ook nooit een reservesleutel?

Extra probleem is die nationale feestdag. De service van een reservesleutel binnen een uur kan dan ook niet door de verhuurmaatschappij worden waargemaakt. Een ritje op een echte Amerikaanse laadtruck rijker en vijftig dollar armer gaan we twee uur later weer op pad. Weliswaar in een nog sjiekere, nieuwe auto. In Washington zijn we ruim op tijd voor een etentje bij de Chinees en vervolgens het mooiste feestvuurwerk dat we ooit hebben gezien.

Washington

Of je moet een liefhebber zijn van lucht- en ruimtevaart, dan is het Air- en Space Museum een must, maar anders kun je voor wat betreft Washington maar één conclusie trekken: stel je er niet te veel van voor. Het is een stad vol werkloze, zwarte Amerikanen met in het midden een lange tuin à la Versailles, vol met bestuursgebouwen, monumenten en musea. Rondom die tuin ligt een zaken- en ambassadewijk die na zes uur uitgestorven lijkt. Leuke winkels en restaurants zijn er in geen velden of wegen te bekennen.

Amerikanen gaan bijna uit hun dak van al het patriottische snoepgoed in Washington. Voor Europeanen als wij is echter de grens van het lachwekkende bijna bereikt. Onze tocht begint bij metrostation South Capitol. De enige pech die we hadden was een gesloten Library of Congress, de grootste bibliotheek van de wereld. Het is zondag.

Het Capitool (huis van afgevaardigden en senaat) is wel toegankelijk, met zware veiligheidsmaarregelen. Een zwarte instructeur uit de film 'Officer and a Gentleman' spreekt op dezelfde toon als in de film wat je binnen wel en niet mag. En waarvoor al die strengheid? Voor de mooie, beschilderde koepel? In een gemiddelde Europese kerk zijn ze veel mooier. Verder bestaat het Capitool uit rijen van beelden met de groten uit de Amerikaanse geschiedenis. Het gaat hierbij eerder om het bevredigen van een A.H.-Erlebnis, dan om het genieten van artistieke hoogstandjes. Het is een soort negentiende eeuwse Walt Disney.

Ook van het Witte Huis moet je je niet te veel voorstellen. Leuk om op verjaardagfeestjes te zeggen dat je er voor hebt gestaan of in bent geweest - voor excursies moet je je vroeg in de ochtend melden - maar meer is het niet.

Halverwege het park met monumenten haken we dan ook af. Achteraf gezien was het verstandiger geweest om zo'n ouderwets uitziend excursiebusje voor stadsrondritten te gebruiken. De afstanden zijn namelijk vrij groot.

De wijk Georgetown is laat op de middag een schot in de roos. We nemen de metro naar Foggy Bottom en dan lopen we tien minuten in westelijke richting richting Georgetown University. Je komt dan vanzelf in de grote winkelstraat. Vooral de Shopping Mall Georgetown Plaza, in Victoriaanse stijl, is een lust voor het oog. Na daar bij de Vietnamees te hebben gegeten, gaan we weer terug naar ons hotel.

Washington - New York

Het provinciale van Washington wordt opnieuw bewezen tijdens de ochtendspits. Die is er namelijk niet. We zitten midden in de stad, maar rijden plankgas over de boulevards de stad uit. Ook op de snelweg naar New York valt de drukte mee. Via de eerder genoemde kustweg 95 nemen we bij New York de 295 East. Bijna met de ogen dicht komen we dan uit op het John F. Kennedy Vliegveld. De huurauto leveren we in en de shuttlebus van
Gray Line brengt ons weer naar ons hotel.

De massaliteit van New York valt ons minder op dan op onze eerste Amerikadag. We lopen ontspannen door de stad. In het Central Park voeren we de eekhoorntjes. Eerst denken we dat er een joggingwedstijd aan de gang is. Toch niet, het zijn gewoon mensen die na hun werk een rondje rennen of rolschaatsen.

Op Fifth Avenue vergapen we ons aan de snuisterijen in de Coca-Cola-winkel. Ook het winkeltje van het Metropolitan Museum of Art (In het Rockefeller Center) heeft prachtige spulletjes. Boekenwinkels zijn echter niet bijzonder. De grootste van New York (Barnes & Nobles) kan zich niet meten met bijvoorbeeld Amsterdam of Londen. Amerika is niet echt een land van boekenlezers.

New York - Amsterdam

De laatste dag in Amerika en New York. We kunnen dus niet meer ontsnappen aan het verplichte bezoek aan het Vrijheidsbeeld. We nemen de metro naar South Ferry. De boten varen daar af en aan. Bij het Statue of Liberty gaan we er niet af - vanaf het schip is het vrijheidsbeeld ook mooi te zien - en varen door naar Ellis Island.

Het is een gouden keus. Hier kwamen de vele miljoenen emigranten uit Europa en andere delen van de wereld aan. In het museum kun je precies zien hoe ze werden geselecteerd op hun bezittingen en gezondheid (lichamelijk en geestelijk). De meeste bezoekers blijven hangen bij de grote hal, maar het is absoluut de moeite waard om uitgebreid door het gebouw rond te struinen. Vooral de fototentoonstelling is schitterend. We zien daar onder meer in Zeeuwse kleding gestoken vrouwen op vergeelde foto's staan en huilende Hollandse kindertjes in boerenkiel en op klompjes. Kippevel. De souvenirwinkel is dan weer typisch Amerikaans. Het Hollandse hoekje staat vol met Delftsblauwe molentjes en kaarten van tulpenvelden.

We komen aan land en nemen de metro naar de station Sheridan Square in de wijk Greenwich Village. In de reisgidsen wordt het omschreven als de meest dorpse wijk van Manhattan. Dat blijkt te kloppen. Er hangt een ontspannen sfeertje in deze wijk van kunstenaars en intellectuelen. Onder meer de popzanger Bob Dylan ('The Answer my Friend is blowing in the Wind') is door optredens in deze wijk groot geworden. Nergens in Amerika kunnen we naar het WK Voetbal kijken, behalve de twintig seconden bij CNN. Hier zitten de mensen echter in de café's uitgebreid naar Nederland-Brazilië te kijken. Er heerst hier - in tegenstelling tot de meeste delen van Manhattan - een uitgebreid terrassencultuur. Daar genieten we dan ook van ons laatste Amerikaanse zomerzonnetje.

's Morgens hebben we al weer het bekende Gray Line-busje besteld, en die brengt ons om zes uur 's avonds naar Newark Airport.

Like deze pagina

Specialisten Amerika

Stay tuned

Wil jij elke maand naar Amerika?

  • Schrijf je in voor de maandelijkse nieuwsbrief boordevol foto's, prijsvragen en insider tips.
  • Ook ontvang je speciale deals van onze partners!

Aanmelden nieuwsbrief

Amerika kenner
Sponsors