Reisverhaal New York, Florida & Deep South
Like ons op Facebook

Reisverhaal New York, Florida & Deep South

door Gé de Bot

Het was onze eerste transatlantische vlucht en onze eerste reis buiten Europa. We hadden nog nooit meer dan een paar uur in het vliegtuig gezeten, en zagen behoorlijk op tegen de lange vlucht naar New York. Uit budgettaire overwegingen had ik gekozen voor Pakistan Airways, met als gevolg dat we reeds bij het vertrek op Schiphol geconfronteerd werden met een lading vermoeide passagiers, voornamelijk jonge gezinnen, kennelijk op weg naar familie in de Nieuwe Wereld. De Pakistani hadden weliswaar ook wat voor de westerse magen op het menu staan, maar dat nam niet weg dat tijdens de hele vlucht een penetrante geur van de Oosterse keuken in het vliegtuig overheerste.

Voor het overige viel de vlucht al met al mee en we voelden ons heuse wereldreizigers toen wij voet aan wal zetten aan gene kant van de Atlantische. Omdat wij beiden een hartgrondige hekel hebben aan vliegtuigsanitair, en zeker aan het op deze vlucht veelvuldig gebruikte, moesten wij bij aankomst hoognodig. Vertwijfeld keken wij richting restrooms, maar ik hield mijn vriendin en mijzelf voor dat dit oord bestemd was voor vermoeide reizigers uit andere werelddelen.

Shuttle busses

Ik was zo vooruitziend geweest alvast een hotel te reserveren, en ook had ik in mijn zorgvuldige lectuur kennis genomen van de shuttle busses die vanaf de luchthaven alle hotels plegen aan te doen. Diezelfde lectuur had mij geleerd dat je in Amerika voor alle diensten een tip behoort te geven, dus stopte ik de stomverbaasde boy alvast een dollar toe, nadat ik hem verteld had dat wij op 55th avenue moesten zijn. Daar waren echter kennelijk niet genoeg gegadigden voor, want de driver gooide ons er op 35th street uit, met de boodschap dat 55 just a block verder was.

Weliswaar werden wij aangenaam getroffen om reeds meteen kennis te maken met de Amerikaanse "grootheid" van denken, maar anderzijds hadden wij geen zin om om 10 uur 's avonds nog met ettelijke koffers de resterende twintig straten af te zeulen. Geen enkele taxi die we, zoals we dat van de film hadden geleerd, tot stilstand brachten wou er echter aan beginnen, dus rees toch het vermoeden dat het aan onze Europese kleinzieligheid moest liggen. Even bezinnen in een koffiehuisje en eens rustig op mijn stratenplannetje kijken en eindelijk, na ruim twaalf uur eens een sigaretje opsteken - in die tijd rookten wij nog. Dat laatste ging prompt niet door, want New York was diezelfde week op instigatie van de burgemeester omzeggens rookvrij verklaard. In ieder geval leerden we op luttele minuten tijd voor eens en voor altijd de begrippen street en avenue, wat een block moet voorstellen en wat Amerikaanse koffie is. Een kwartier later arriveerden we inderdaad aan ons hotel: non-smoking.

Daar verbleven we een week en het was een zeer intensieve week. Uiteraard stonden de absoluut verplichte bezienswaardigheden op het programma: Empire State Building, World Trade Centre, Rockefeller Centre, Flatiron Building, Central Park, Vrijheidsbeeld, Gugenheim, Metropolitan, en het was imposant, zeer imposant, zelfs als je reeds denkt een voorstelling te kunnen maken middels de bekende beelden van TV. Achteraf besef ik dat Manhattan slechts een deel is van New York City, maar na verloop van die week voelden wij ons echte New York kenners. Het hectische van de stad viel eigenlijk behoorlijk mee, al was de daguitstap naar Washington DC een ware verademing.

Dure dagtrip

Mij was namelijk verteld dat een retourtje Washington niet meer hoefde te kosten dan een 50 dollar, maar dat bleek in werkelijkheid het vijfvoudige te zijn. Nog voor ik kon reageren haalde de hostess mijn creditkaart door het apparaat met een gebaar alsof het inderdáád om enkele tientjes ging, dus durfde ik al niet meer te protesteren. Een dure daguitstap dus, maar beslist de moeite waard, alleen veel te kort. De Washingtonse metro is een snoepje vergeleken bij de Newyorkse, en waar we zoëven nog gefascineerd werden door de wolkenkrabbers alom werden we nu aangegrepen door de "laagbouw" met het Capitool als absoluut hoogtepunt. In feite hebben we die dag alleen de "as" Witte Huis-Capitool gedaan, voor het Smitsonian was helaas geen tijd. Maar Washington is een week net zo waard als New York.

Toen we New York gingen verlaten waren we wel zo wijs geworden een taxi te nemen in plaats van de shuttle bus; 't is merkelijk goedkoper en wel zo comfortabel en snel. Wij op weg naar Orlando, Florida.

Florida

't Was lente en in New York hadden we zonder dat we het wisten al een beetje rode wangetjes opgelopen. In de prachtige aankomsthal van Orlando beseften we meteen dat we in de tropen beland waren. Hier werden we gelijk ook mobiel, wat in het begin wat gewenningsproblemen met zich bracht: stoppen in het midden van een kruising (tot ik doorhad dat de verkeerslichten aan de overkant van het kruispunt staan); rechtsaf slaan bij rood; linksaf slaan op brede banen en het in wezen erg praktische Amerikaanse dualisme North-South/East-West. Desondanks gaf het rijden op Amerikaanse bodem een heerlijk gevoel, en meteen begrepen wij waarom de auto onlosmakelijk verbonden is met de Amerikaanse cultuur. Ook het parkeren vormde een schril contrast met thuis waar dit een bron van dagelijks terugkerende ellende vormde, en uit kinderlijk plezier maakten we er al spoedig een punt van om de wagen pal voor onze moteldeur te parkeren.

Na het obligate Desneyworld en Epcotcenter begaven we ons naar het noorden, want we hadden nog een hele trip in de South-East voor de boeg. Op Cape Canaveral werden we net als in New York verrast door het optisch bedrog van de televisie; de raketten en space shuttles waren immens kolossaler dan wij ons hadden voorgesteld. Natuurlijk waren wij bij onze reisvoorbereidingen geconfronteerd met de Amerikaanse hang naar superlatieven. Vandaar ook een oponthoud in het mooie St.-Augustine, het oudste stadje van Amerika. Met de Amerikaanse zin voor overdrijving maakten we ook nog op een andere manier kennis, namelijk toen we bij een benzinestation een kwartje deponeerden in een automaat met het oog op een zuinig bekertje water, waarop dat apparaat prompt op zijn minst een kilo ijsklonters uitbraakte en vervolgens zowat een gallon water over ons uitstortte.

In Georgia werden we meteen verrast door een heuse subtropische regenbui die enige paniek veroorzaakte, want we zagen letterlijk geen steek voor de ogen en ik durfde nauwelijks blindelings van rijvak te veranderen, gezien de Amerikaanse regel keep your lane. Zoals dat subtropische regenbuien betaamt was ook deze na een klein half uurtje over en scheen alweer de zon in volle glorie. Savannah was eigenlijk te mooi voor een kort oponthoud, maar we begonnen al een beetje in tijdnood te geraken, te meer daar we voor de laatste dagen van de vakantie nog een hotel geboekt hadden in Miami Beach. Het waren echter de squirls die ons voortijdig uit het prachtige Savannah wegjaagden.

Kloppende vinger

Met de squirls hadden we reeds in New York kennis gemaakt; op het geringste plekje groen, bij de minste concentratie van twee of meer bomen trof je wel een kolonie van de beestjes aan. Behalve het feit dat de diertjes nou eenmaal mooi en grappig om zien zijn, vielen zij des te meer op omdat je ze op die locaties in het geheel niet verwachtte. En natuurlijk ook omdat deze stadsdiertjes per definitie niet mensenschuw zijn zoals onze eekhoorntjes. Mijn vriendin, die een ware dierenliefhebber is, waande zich dan ook in het Nirvana toen de schattige diertjes uit haar hand kwamen eten, en met dat doel hadden we in Savannah zelfs een paar korstjes brood bewaard.

Tot een van de squirls tegen beter weten in een smakelijke hap zette in haar vinger, waarbij ik enige voorzichtige hilariteit natuurlijk niet kon onderdrukken, te meer daar ik zo bijdehand was geweest het gebeuren op film vast te leggen. De "wonde" zelf stelde weinig voor en werd ter plekke gereinigd in een drinkfonteintje, waarna het bloeden allengs stopte. Maar zo diervriendelijk als mijn vriendin is, zo is zij gesteld op persoonlijke hygiëne en heeft zij een aversie van lichaamsvreemde stoffen. Afgezien van het eigen speeksel en een schone zakdoek hadden wij echter geen ontsmettings- noch verbandmiddelen voorhanden, zodat we ons moesten wenden tot de plaatselijke middenstand. Tot mijn verbijstering nam die de zaak bijzonder ernstig op. Was het nu uit schuldgevoel dat hun eekhoorn ons gebeten had, commercieel geïnspireerde ijver om ons nog wat langer daar te houden of gewoon weer de Amerikaanse overdrijving ?

Feit was dat mijn vriendin op een mum van tijd in het middelpunt van de belangstelling stond en voorzien werd van alle denkbare amateuristische verzorging en raadgevingen. Dat had natuurlijk een averechts effect, want woorden als rabies en tetanus klinken al bijzonder onheilspellend, in den vreemde doen zij dat des te meer en een strak omzwachtelde en dus kloppende vinger stelde al helemaal geen hoge eisen aan de verbeelding. De rest van de dag had ik de handen vol om mijn vriendin te overtuigen dat het allemaal toch wel zo'n vaart niet zou lopen, haar een beetje af te leiden van het dramatische gebeuren, en een van de manieren daartoe leek mij richting Charleston te rijden. Die dag kwamen we echter niet verder dan Tybee Island, South-Carolina.

Een bezoek aan de plaatselijke bar maakte de toestand er niet beter op, want daar voegde onze gesprekspartner aan al het onheilspellends dat ons al boven het hoofd hing nog een viertal weken quarantaine toe. Zelf was ik er vast van overtuigd dat er geen schijn van kans bestond op hondsdolheid, want dan zouden de Amerikanen die beesten niet laten rondslingeren of althans de mensen niet ongewaarschuwd in hun nabijheid laten komen. Het viel echter niet mee mijn opponenten hiervan te overtuigen. Met dit doel vroeg ik de eilandbewoner hoeveel gevallen van rabies er de afgelopen jaren gesignaleerd waren, klaar om zijn antwoord tot op zeven cijfers na de komma te delen door de bevolking van Georgia. De man had echter geen gevoel voor statistiek en met zijn heerlijke, lijzige Zuidamerikaanse accent antwoordde hij: "Are you a gambler??? It's your wife, man !" Het enige wat ik toen in mijn wanhoop nog kon bedenken om de reis ongestoord verder te zetten, was mijn vriendin volgieten met screwdrivers.

Mijn plan mislukte schromelijk want 's anderendaags waren wij nauwelijks opnieuw op weg of mijn vriendin werd doodziek: rillingen, tintelingen, koud zweet, noem maar op en ze zag werkelijk bleek. Ik zag in dat er een medicus aan te pas moest komen om haar gerust te stellen, wilde zij nog enigszins van het verder verloop der vakantie kunnen genieten, dus wij op weg naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis in Hardeeville. Na de nodige medische vaststellingen en een onderzoek naar de sociale attitude van de moedwillige eekhoorn werd uiteindelijk voor mijn benaderingswijze gekozen. In overleg met de autoriteiten en de medische collega's van Georgia zou een zorgvuldig onderzoek ingesteld worden naar eventuele meldingen van hondsdolle of zich anderszins vreemd gedragende squirls de afgelopen tijd. Het resultaat van dit onderzoek zou ons in Charleston meegedeeld worden en ook kregen we alvast het telefoonnummer van de medical staff aldaar. Mijn vriendin kreeg nog een kalmeringsmiddeltje en ze hoefde zich echt geen zorgen te maken; alles werd in het werk gesteld opdat zij geen risico zou lopen.

Charleston is een prachtige stad, waar het verleden nog ademt. Wie zegt dat Amerika geen geschiedenis heeft vergist zich; het is alleen een ander soort geschiedenis. Wanneer ik in Europa voor overblijfselen uit de Griekse of Romeinse tijd sta, of rondwandel in het Alhambra, ben ik wel onder de indruk, maar afgezien van wat ik er over lees of hoor vertellen kan ik me weinig voorstelling maken van hoe het er in die dagen daadwerkelijk aan toeging.

Zo niet in Charleston; hier voelt men de geschiedenis en dat vergt niet eens veel inlevingsvermogen. In die tijd was de serie North and South nogal populair en ik had met collega's gegekscheerd dat het wel erg jammer was dat in de laatste aflevering voor mijn vertrek de villa van de Mains tot op de grond was uitgebrand. Ik werd toen een beetje meewarig aangekeken: ook al was dat ding niet afgebrand, dan nog zou ik veeleer naar een Hollywoodse studio moeten gaan in plaats van naar South Carolina, wilde ik er een glimp van opvangen. Tot mijn grote vreugde bleek niets minder waar, want de Boon Hall Plantation bevond zich in volle glorie enkele kilometers ten noord-westen van Charleston, inclusief de slavenhuisjes en de prachtige oprijlaan omzoomd door platanen. Dat deze heerlijke gewaarwording uitsluitend door de ervaring zelf kon teweeg gebracht worden werd bevestigd door een speling van het lot: bij thuiskomst bleek één van de vele opgenomen filmrolletjes op mysterieuze wijze spoorloos te zijn verdwenen, uitgerekend met de opnamen van die dag.

Paradijselijke stranden

Intussen moesten we wat beginnen snoeien in onze verdere reisplannen; we zouden nog over de Great Smokey Mountains en dan via Atlanta terugkeren naar Florida. Dit leek ons echter niet meer realistisch, daar we niet van plan waren in een hels tempo alleen maar kilometers af te leggen. Daar kwam nog bij dat een nieuwe kennis voor een aangenaam oponthoud zorgde. De man deed in immobiliën op Kiawah Island, een soort privé-eiland met allemaal prachtige villa's en paradijselijke stranden. Hij gaf ons een vrijgeleide voor een bezoek aan het eiland, wat we natuurlijk in dank aanvaardden, en we besloten er zelfs een dag te blijven. Het strand was nagenoeg verlaten en het was er heerlijk relaxen. Grappig vond ik de minuscule krabbetjes die, als het even muisstil was, uit kleine gaatjes in het zand kwamen gekropen om bij het minste zuchtje weer met tientallen hun holletjes in te stuiven. Over stuiven gesproken: vanuit Georgia hadden we inmiddels bericht ontvangen dat de squirls daar te lande zich de afgelopen jaren volstrekt conform de Amerikaanse gezondheidsnormen hadden gedragen.

Tijdens de terugtocht naar Florida maakten we nog maar eens kennis met een aantal typisch Amerikaanse gebruiken, zoals het opgeven van je voornaam - die ik voor het gemak maar veramerikaniseerde tot William - in een snackbar, die dan luidkeels werd afgeroepen als je bestelling klaar was, ook al was er verder geen hond in de zaak. Verder natuurlijk de Mall buiten de stadscentra, wat ik een prachtige uitvinding vind, al zijn ze er in Europa kennelijk als de dood voor. In Amerika ontwaakte in mij ook een latente passie voor zeepjes; ik hield er die vakantie ruim honderd over waarvan, het zij toegegeven, ook een aantal gejat van een servicekarretje. En de heerlijke zuiderse uitdrukking we appreciate that very much, sir/madam.

Talahassee

Terug in Florida besloten we de westkust te volgen, maar voor we zover waren hadden we in de omgeving van Tallahassee voor het eerst problemen met het vinden van een motel. Het was blijkbaar graduation day en alle hotels en motels waren volgeboekt. Er zat dus niets anders op dan naar het binnenland te rijden en daar had ik de pest in, want het was inmiddels donker, de wegen waren slecht verlicht en de Amerikaanse koplampen zijn feller dan bij ons. Bovendien krioelde het er van een niet nader geïdentificeerde soort gordeldieren, waarvan ik er een paar omvergereden heb toen zij kennelijk geparalyseerd waren door het licht van mijn koplampen.

Vervolgens bezochten we Silver Springs bij Ocala, waar de Tarzanfilm met Weissmuller bleek te zijn opgenomen, maar ook overigens een bezienswaardig park was. Daarna ging de tocht via Crystal River en Weeki Wachee Spring naar Clearwater Beach, een van de gezelligste plaatsjes. Daar gingen we met the fastest speedboat of te World op dolfijnenjacht. In St. Petersburg brachten we een bezoek aan het mooie Dalimuseum, dat zich echter in een lugubere buurt bevindt. Bijzonder aangenaam daarentegen waren dan weer St. Petes Beach en Brandenton Beach.

Zeer gecharmeerd waren wij ook van Fort Myers Beach en Sanibel en Captiva Island, met hagelwitte zandstranden, leuke strandbarretjes, restaurants en winkels. Daar maakten we kennis met een hoogbejaard maar uiterst vitaal en joviaal koppel dat hier elk jaar wel een paar maanden kwam doorbrengen; we ontmoetten hen welhaast elke avond. Op Sanibel kon ik niet weerstaan aan de plaatselijke verslaving: reuzenschelpen rapen, en voor ik er erg in had, had ik er een paar kilo bij mekaar. Voor de alomtegenwoordige alligators kostte het me weinig moeite mijn vriendin te waarschuwen die niet uit het handje te laten eten; zij had haar lering getrokken uit het avontuur met de meer onschuldige squirls.

Meer naar het zuiden wachtte ons een teleurstelling: Naples en Marco en omgeving stonden vol met condominiums - waarbij wij in eerste instantie dachten aan een grootscheepse voorbehoedscampagne - en hier en daar een peperduur hotel, dus reden we verder naar de Everglades. Daar maakten we natuurlijk menige tocht met de hefschroefboot en we vonden het een van de indrukwekkendste en sfeervolste natuurfenomenen die we ooit gezien hadden.

In Florida City waren de verwoestingen van de orkaan van enkele jaren voordien nog duidelijk merkbaar. Het is overigens verbazingwekkend hoe die mensen telkens opnieuw de moed vinden om na een dergelijke rampspoed alles van de grond terug op te bouwen.

Key West

Daarna vatten we de tocht aan over de Keys. We reden in één ruk door tot Key West om er te arriveren voor het begin van het weekend, onderweg alvast een motel reserverend op Key Largo voor de terugtocht. Op Key West kwamen we via de plaatselijke VVV terecht in een gezellige cottage met verscheidene kamers, een keuken en zelfs een tuintje. De eerste verkenningstocht voerde ons haast onvermijdelijk naar Sloopy Joe's Bar en daar werd vervolgens onze nieuwsgierigheid geprikkeld naar de overige levensomstandigheden van Hemingway. Het was niet minder dan een droomhuis in een dito omgeving; de man moet niet beseft hebben wat hij achterliet toen hij uit het leven stapte. De rest van de vakantie zou het liedje De oude man en de zee niet meer uit mijn hoofd gaan. En dan had je daar natuurlijk nog twee Markante Punten, die de Amerikanen niet nalaten dik in de verf te zetten: het meest zuidelijke punt van de USA (voor 't gemak Hawaï even buiten beschouwing latend) en Cuba op een boogscheut afstand. Markant vond ik dat de politieke afkeer van Cuba hier het onderspit moest delven voor de passie voor dramatische slogans: een reuzeboei met de tekst Only 90 miles from Cuba.

Dat Key West om nog een heel andere reden een trekpleister is, leerden wij diezelfde avond nog. Vlak bij onze cottage bevond zich namelijk - toeval of niet - een gezellige kroeg, waar het wemelde van de leuke meiden. Het bleek echter dat zij meer belangstelling hadden voor mijn vriendin, dus trok ik mij na enige tijd terug om een bad te gaan nemen. Mijn vriendin daarentegen moet zich aangenaam vermaakt hebben, want ik hoorde haar niet meer thuis komen. 's Anderendaags vernam ik van haar dat ze zich slechts met moeite had kunnen onttrekken aan de veroverings- c.q. verleidingspogingen van de meiden in kwestie...

Op de terugtocht hielden we ons nog even op in Key Largo en Big Pine Key, waar een endemische kleine hertensoort vrij rondliep. Daarna zetten wij koers naar Miami Beach, waar we de laatste dagen van de vakantie nog zouden genieten van het strand. Afgezien daarvan bood met name het art-decodistrict nog de nodige bezienswaardigheden. Downtown Miami zijn we niet meer geweest omdat ons dat werd afgeraden, naar wij achteraf vernamen niet geheel terecht.

Ons eerste verblijf in Amerika was meteen een schot in de roos. De prachtige natuur, de vrijheid, het on the road-gevoel, het verrassingsgevoel, het al dan niet bevestigd worden van clichés, dat alles maakte dat wij vanaf die eerste keer reeds wisten: hier zullen wij nog vaker terugkomen. Dat hebben we inmiddels nog driemaal gedaan, naar andere oorden uiteraard, en tot nader order blijft het de nummer 1 op onze lijst van toekomstige vakantiebestemmingen.

Like deze pagina

Specialisten Amerika

Stay tuned

Wil jij elke maand naar Amerika?

  • Schrijf je in voor de maandelijkse nieuwsbrief boordevol foto's, prijsvragen en insider tips.
  • Ook ontvang je speciale deals van onze partners!

Aanmelden nieuwsbrief

Amerika kenner
Sponsors