Op karakter verliest McCain het
Like ons op Facebook

Op karakter verliest McCain het

door Frans Verhagen

Volgens John McCain draaien deze verkiezingen om karakter. Dat is een beperkte visie maar zelfs serieus genomen als criterium, is er geen ontkomen aan dat Barack Obama de betere kandidaat is. Dat is opmerkelijk. McCains authenticiteit als oorlogsheld, iemand die geleden heeft voor zijn idealen en daar gesterkt uit is gekomen, is onbetwistbaar. Is dat voldoende om een goede president te kunnen zijn? Blijkbaar niet. Campagnes werken en opnieuw laat een lange campagne de déconfiture zien van een voorheen gerespecteerd politicus. Want ja, het is moeilijk om nog respect op te brengen voor de oude man - iets wat voorheen vanzelf ging, ook als je het niet eens was met zijn standpunten.

Kijk naar de afgelopen acht jaar. John McCain werd genaaid door George W. Bush, of beter gezegd, door diens campagnemanagers (die optraden namens de partijbonzen die meenden in jonge George een gemakkelijker manipuleerbaar persoon te hebben dan straigth talker McCain). In een smerige campagne die bij nader inzien aangaf wat we konden verwachten van Bush, werd McCain besmeurd en vernederd. McCain was woedend op Bush, en terecht.

De eerste termijn van Bush toonde McCain dat. Hij was inderdaad een maverick, een dwarsligger, iemand die het zei zoals hij vond dat het was. Hij stemde tegen de belastingverlaging voor de rijken die Bush voorstelde omdat die onverantwoord en onrechtvaardig was. Hij werkte aan immigratiewetten tegen de zin van populisten in zijn eigen partij die liever met gemakkelijke slogans opereerden. Wel stelde hij zich op als een 'good soldier' toen president Bush het land voor de gek hield en Irak binnenviel. In 2004 was McCain nog steeds woedend genoeg om te overwegen bij John Kerry als vicepresidentskandidaat op te treden. So far, so good.

Tijdens Bush' tweede termijn kwam de ommekeer. In de aanloop naar een nieuwe presidentsrace (sowieso onverstandig gegeven zijn leeftijd - maar politici weten nooit wanneer hun tijd voorbij is) begon McCain de achterban van de rechtervleugel van de Republikeinse Partij te lijmen. Het was een ontluisterend tafereel. De man die dominees als Pat Roberson en Jerry Fallwell 'predikers van haat' genoemd had, omarmde deze beide heerschappen (en nog een roedel andere anti-semitische en anti-katholieke mindere goden). Hij verhardde zijn standpunten op de social issues, zoals abortus, schoolgebed en dergelijke, hoewel hij ooit had gezegd dat deze onderwerpen hem nauwelijks interesseerden. McCain liet zijn eigen immigratiewet struikelen omdat het controversieel lag in zijn eigen partij. En na een aanvankelijk moedig verzet tegen de martelpraktijken van de regering Bush, stemde hij voor een wet die dat nog steeds mogelijk maakte. Hij beloofde chirstelijk rechts in het Supreme Court rechters te benoemen die de tegenstellingen in Amerika op de spits zouden drijven. Het leek te werken. Begin 2007 was McCain de front runner bij de Republikeinen, al was er sterke concurrentie van onder meer Rudolph Giuliani. Zijn enige daad als maverick was de vroege roep om de surge in Irak, het sturen van extra soldaten in plaats van een diplomatiek offensief, zoals het establishment bepleitte. Hij kon krediet claimen voor het succes ervan.

Tegen de zomer van 2007 leek McCains campagne echter ineen te storten. Zijn management was rommelig, het geld spoelde aan alle kanten de campagne uit, hij was slecht georganiseerd. Het leek vrijwel voorbij. McCain moest terugschalen en dat was zijn redding. De concentratie op New Hampshire en de hulp van de basspelende baptist Mike Huckabee die McCains grootste concurrent (niet de domme Giuliani maar Mitt Romney) pootje lichtte in Iowa, gaf McCain een herkansing. Hij won de voorverkiezingen zonder een meerderheid in zijn partij te veroveren.

Knap werk. Hij beloofde een campagne op niveau.

Maar sindsdien is het met het karakter van McCain van kwaad naar erger gegaan. De aanvallen op tegenstander Obama - het celebrity argument - werden schriller naarmate McCain meer Bush-managers inhuurde. Veel positiefs werd er uit het McCain kamp niet meer gehoord, laat staan een eigen visie voor de Amerikaanse toekomst. Het meest opvallende en meest onthullende stukje opportunisme was het omarmen van de Bush belastingverlagingen voor de rijken. Die zouden in 2010 aflopen en het zou logisch geweest zijn voor McCain om ze met dezelfde argumenten als in 2001 lekker te laten verlopen. Nu verklaarde hij zich een voorstandere van verlenging, daarmee zichzelf in de dodelijke houtgreep stoppend van de meest incompetente president in decennia.

De campagne van McCain bleef een ongedisciplineerd rommeltje tot de Bush-managers controle kregen. McCain heeft de leiding overgegeven en geen grenzen gesteld aan wat de campagne mag doen. Het resultaat is een deuk in zijn karakter argument. McCain heeft een hekel aan Obama. Fair enough, maar de manier waarop hij zijn minachting toont voor zijn tegenstander zegt wat over McCain. En ook wat over een mogelijk presidentschap. Hij maakt het beleidsmatige persoonlijk. Dat is een slechte kwaliteit in een leider die met Putin, Ahmedinejad en andere lieden moet werken. Het is een slechte karaktertrek van een man die humeurig is, onaangenaam bitter, als de campagne niet gaat zoals hij dat wil.

Ook qua campagne keuzes heeft McCain laten zien dat zijn karakter minder betrouwbaar is dan hij wil afficheren. Hij speelde Georgië op en dwong de lethargische regering Bush tot koude oorlogsretoriek. Viel over de wijsheid daarvan nog te twisten, de keuze voor Sarah Palin als vicepresident is van een adembenemende onverantwoordelijkheid die het ergste doet vrezen. McCain is impulsief, een risiconemer, een gokker, of, als u dat liever wilt, een opportunist die zijn sukkelende campagne nieuwe leven wil inblazen met een onverantwoorde politieke keuze. Geen van beide plezierige karaktertrekken in een president. Zeker niet in een president die, zo blijkt uit zijn standpunten, neoconservatiever is dan George W. Bush ooit was. McCain gelooft echt in de neoconservatieve agenda, in Amerika's leidende rol. Zijn belangrijkste adviseurs zijn neocons. Zijn doelstelling is uitdagingen aangaan en winnen.

Vorige week kwam de definitieve ontmanteling van de karaktervraag. McCain stopte zijn campagne toen de financiële crisis zo urgent werd dat het Congres moest handelen. Hij haastte zich naar Washington (nou ja, na 24 uur waarin hij dom genoeg David Letterman afzegde en tegelijk voor CBS de staatsman uithing) om daar aangekomen een bijna akkoord om zeep te helpen en een door de amechtige regering Bush georganiseerde bijeenkomst in het Witte Huis zwijgend bij te wonen. Geen debat zonder akkoord, riep McCain, enkel om die vrijdagavond keurig voor het debat op te duiken waar hij opzichtig weigerde om Obama zelfs maar aan te kijken. Het was een bizarre manier om leiderschap te tonen en benadrukte zijn meest onaantrekkelijke en zorgwekkende eigenschappen.

De komende vier weken gaat McCain de aanval openen op Obama's karakter. Anders gezegd: hij gaat alles in het werk stellen om Obama zwart te maken (no pun intended). Reken op de terugkeer van dominee Wright, geneuzel over een voormalig Weatherman Ayers en een onroerend goed boer in Chicago waarmee Obama minstens één domme overeenkomst heeft gesloten. Het land mag in nood zijn, de grote leider gaat vooral vertellen wat er fout is aan de ander.

Het zal McCain niet redden. Als het om karakter gaat, toont hij juist door deze keuzes dat zijn karakter niet in orde is. Híj is niet geschikt voor president. De campagne heeft dat feilloos aangetoond. Zijn eigen campagne. Niemand had het McCain gegund om de geschiedenisboeken in te gaan als een pathetische verliezer, een negatieve campagnevoerder die zijn eigen reputatie te grabbel gooide. Maar dat is wat er gaat gebeuren.

Like deze pagina

Specialisten Amerika

Stay tuned

Wil jij elke maand naar Amerika?

  • Schrijf je in voor de maandelijkse nieuwsbrief boordevol foto's, prijsvragen en insider tips.
  • Ook ontvang je speciale deals van onze partners!

Aanmelden nieuwsbrief

Amerika kenner
Sponsors