Maarten van Rossem en het populisme
Maarten van Rossem publiceerde vorige maand een boekje over ‘hedendaags populisme', onder de titel Waarom is de burger boos? Ik heb het met genoegen gelezen, zo gaat dat met alles wat Maarten opschrijft - al houdt hij zich in en zijn de bon mots waarmee hij soms op televisie de paljas uithangt eruit geëdit. Het boekje is vooral een kleine geschiedenis van het Nederlandse parlementaire systeem na 1945 met een grote nadruk op de reacties op Paars in de vorm van Leefbaar en Fortuyn. Die delen zijn vooral een vlot opgeschreven kleine geschiedenis van die jaren - maar dan enkel vanuit het populistisch perspectief. Niet veel nieuws onder zon en ook geen vernieuwende analyse.
Iedereen die de ontwikkelingen heeft gevolgd weet dat zo'n twintig procent van de kiezers boos is (overigens vind ik dat Van Rossem wel meer had mogen doorgaan op economische angst en ontworteling van de burger dan het standaardrepertoire waarmee populisten daar gebruik van maken). Boos op Den Haag, op de wereld, op Brussel, op nieuwkomers, op anders eruitziende mensen, op van alles en nog wat. Consistentie is niet vereist, anders zou een kale, hedonistische homo met een grabbelzak aan klachten en verzuchtingen niet hun leider hebben kunnen en evenmin een product van de zittende elite, de sinds 1990 in Den Haag werkzame Wilders. Die twintig procent doolt, van de SP naar de LPF, van holle TON naar PVV (dat is overigens het echte probleem van Agnes Kant). Laat maar dolen, zegt Van Rossem, ze doen geen kwaad (afgezien van de vervuiling van de politieke sfeer maar daarover later) en ze tellen niet echt mee. De consensus in Nederland is altijd redelijk breed geweest en ook het geneuzel na de gemeenteraadsverkiezingen als zou zich een rechts-links scheiding hebben voltrokken, lijkt me onzin. Al was het maar omdat Wilders in deze klassieke traditie ook van alles in zijn politieke rommelpotje stopt dat moeilijk in die categorieën valt te scheiden.
Het is meer zo, zou ik zeggen, dat geen enkele partij meer ideologisch helder is. Ik bedoel dan niet helder in de zin van een star, vast wereldbeeld waarin alles opgeborgen moet worden, maar niet helder in de zin dat partijen niet eens meer proberen om een mens- en maatschappijbeeld op te zetten waaruit hun ideeën als vanzelfsprekend voortvloeien. Ze zijn steeds aan het lobbyen, beschermen of belangenbehartigen, of kiezersvolk voor zich behouden, waardoor bijvoorbeeld de VVD allesbehalve liberaal is en de PvdA te weinig oog heeft voor zijn eigen sociaal democratische erfgoed. Alleen het CDA met een consequent kleurloos corporatisme is in elk geval een coherent geheel. De rest is vooral een leider die probeert mensen achter zicht te krijgen, meestal niet op programmatische basis.
Een uit de hand gelopen artikel is dit boekje dus. Maar ja, alles wat Maarten schrijft, verkoopt (zeg ik jaloers). Alleen de eerste twintig pagina's over populisme in Europa en de laatste tien pagina's over de effecten van Fortuyn en Wilders op het Nederlandse politieke klimaat voegen wat toe aan het debat, zou ik zeggen. Ik ben het helemaal met Van Rossem eens dat Fortuyn en zijn navolgers het vertrouwen in de parlementaire democratie ondermijnen - al mogen de andere politici zichzelf dat aanrekenen door niet als bakens van een goed werkende parlementaire democratie op te treden en veel te veel de oren te laten hangen naar wat ze denken dat het electoraat wil horen.
Inderdaad, de media dragen daaraan bij en helaas, op zijn meer gemakzuchtige laten-we-leuk-zijn-dat-is-goed-voor-de-kijkcijfers houding, Van Rossem zelf ook. Zijn commentaar is ook een vorm van populisme, niet altijd, maar soms houdt hij zichzelf ook niet in de hand. Nederland is boos. Dat geloof ik ook. Maar de mensen zouden door de politici een spiegel voorgehouden moeten krijgen. Ik hoorde ook veel de afgelopen dagen dat Nederland angst heeft. Niet alleen Wilders roept dat, ook de grachtengordel schijnt dat te menen. Lijkt me onzin. De wortel van de het populisme in Nederland is vooral ongenoegen, Boer Koekkoek in het kwadraat.
Van Rossem verwijt Fortuyn dat hij het waanidee van de islamisering in de bloedbaan van de natie heeft geïnjecteerd. En Van Rossem geeft leuk tegengif door de simpele vraag hoe een groepje dat een minimaal deel van de samenleving uitmaakt en in hoog tempo seculariseert een gevestigde cultuur kan overweldigen. Het Calimero syndroom dat Wilders ons probeert aan te praten moet worden ondermijnd. Was Fortuyn voor die islamofobie verantwoordelijk? Dat weet ik zo net nog niet. Bolkenstein kaartte de discussie voor het eerst aan en niet zonder reden. Fortuyn gebruikte hem voor zijn boekje in 1998 over islamisering en Wilders probeert nu groepen in de samenleving tegen elkaar op te zetten onder die vlag.
Wilders is een ziek man, daarover zijn Van Rossem en ik het eens. Hij lijdt aan allerlei vormen van paranoia. Maar zijn electoraat heeft een andere bron van inspiratie waar Van Rossem wel over praat maar die hij uiteindelijk te weinig laat spreken. Van Rossems laatste pagina's over de vraag waarom Wilders met fluwelen handschoenen wordt aangepakt is typisch Van Rossem op zijn sterkst. Een goed begin, een sterk einde en een stukje ‘potted history' ertussenin dat de mensen die het volgen allang kennen. Leuk boekje, had ook een pamflet mogen zijn.
Trends, trends, trends
Geen grote verrassingen in de gemeenteraadsverkiezingen. De trends kwamen uit zoals ik al een tijdje geleden had voorzien (met de kanttekening dat de PvdA eerder aan zijn comeback is begonnen door de kabinetscrisis). D66 op een winst die minder is dan eerdere peilingen aangaven en na een campagne die bevestigde dat inhoudelijk er nog een hoop te doen valt bij de partij van Pechtold. PvdA, zoals gezegd, flink gedaald ten opzichte van het onmatige 2006 maar bezig aan de comeback naar meer dan dertig zetels op 9 juni. De PVV vind ik moeilijk in te schatten. Ik had en heb de indruk dat Wilders in een lange campagne moeite zal hebben zichzelf als aantrekkelijk alternatief te presenteren maar dat zal de tijd moeten uitwijzen. Op basis van Almere en Den Haag kun je geen trends aangeven, of het moest zijn dat Wilders heel slim uit minimale inspanning maximale aandacht heeft weten te krijgen. Of die aandacht hem goed zal bekomen, staat te bezien.
De SP steeg in 2007 meer dan de partij verdiende en krijgt daarvoor nu de rekening gepresenteerd, plus het onvoldoende uitstralen van een visie die meer is dan kritisch roepen. Groen Links stijgt lekker door. Halsema bouwt het goed op en zal op 9 juni oogsten. Rutte krijgt natuurlijk een geweldige steun in de rug met deze uitslag. Hij voerde redelijk goed campagne, met veel one liners en assertief optreden en zal het Pechtold aan de rechterzijde van D66 nog moeilijk kunnen maken. Frau Verdonk krijgt her en der voet aan de grond maar het zal niet gemakkelijk voor haar zijn om dit voor 9 juni te vertalen in zelfs maar één zetel voor haar holle ton. Lokaal is Utrecht interessant met Groen Links als grootste partij (10 zetels) en D66 als tweede (9 zetels).
Het blijft maar doorgaan
Ik kan niet zeggen dat het vooruitzicht van nieuwe verkiezingen op 9 juni me erg kan bekoren. Zo blijven we maar doorgaan in die mediamallemolen. Voor mijn eigen partij, D66, geldt nog steeds wat ik al eerder (tot vervelens toe, wellicht) heb gezegd: programmatisch heeft de partij geen gezicht. In de drie jaar die beschikbaar waren om een behoorlijk mens- en maatschappijbeeld op te zetten van waaruit logischerwijze een programma voortvloeide, is weinig op dat terrein gebeurt. Een document over vertrouwen op de eigen kracht van mensen is niet voldoende. Mensen praten over D66 vooral als de partij van Pechtold, van een andere bestuursstijl soms gemakzuchtig en gevaarlijk samengevat als het redelijk alternatief. Dat is niet voldoende om de partij body te geven. Er zijn bovendien geen landelijke gezichten die naast Pechtold iets kunnen vertellen, iets kunnen uitstralen. Het blijft allemaal hangen op Pechtold en dat is niet voldoende. Het zal tegenvallen op 9 juni, niet omdat het resultaat slecht zal zijn maar omdat de verwachtingen onrealistisch hoog gespannen waren geraakt en de euforie zo groot dat het programmatische handwerk erbij ingeschoten is.
De laatste loodjes voor de ziektekostenwetgeving
De Democraten gaan de wet op de ziektekostenverzekering erdoor rammen, zonder verder nog pogingen te doen om een supermeerderheid te krijgen. Dit proces van ‘reconciliation' (afstemmen van Senaats- en Huis versie) is daarvoor niet bedoeld en de Republikeinen zullen moord en brand schreeuwen. We kunnen dat gevoeglijk negeren. Het proces is de afgelopen decennia vooral door de Republikeinen zelf gebruikt om onder meer de belastingverlagingen van Bush erdoor te jassen en bovendien heeft de partij geen enkel constructief geluid laten horen op het terrein van ziektekosten. Zo zal Obama zijn hervorming krijgen, mag je hopen (er zijn nog wankelende, kwetsbare afgevaardigden). Het is historisch maar minder historisch dan het had kunnen zijn. Maar laten we wel wezen, over vijf jaar kijkt niemand daar meer naar.
Texas Democratisch?
In Texas heeft Republikeins senator Kay Bailey Hutchinson de primary bij haar partij verloren van zittend gouverneur Rick Perry die George W. Bush opvolgde toen die tot president werd gekozen. Perry is een conservatief met minder dan fantastische prestaties om op terug te zien. Zijn tegenstander is ex-burgemeester Bill White van Houston en dat opent voor de Democraten de deur naar het terugwinnen van de belangrijkste staats positie in Texas, een staat waar ze tot de jaren tachtig altijd sterk waren. Maar Texas blijft een heel conservatieve staat waar ook Democraten niet ver uit de conservatieve pas mogen lopen op het terrein van abortus, gun control en dergelijke. Maar de rechtervleugel in Texas raakt nu verbrokkeld door de Tea Party anti overheidsactivisten. Er ligt een mooie opening.
| groen links kan niet zetel pvda holle |


Nieuwscategorieën







