|
VISITCANADA.NL
|
|||
| POLITIEK DAGBOEK | HOME |BULLETINBOARD | SAMENLEVING | |||
|
|
|
| Icefields
Parkway
|
|
Tussen Lake Louise en Jasper, dwars door de
Canadese Rockies, loopt een van de mooiste natuurwegen van Noordamerika. De Icefields
Parkway is een van de mooiste en meest enerverende bergwegen die ooit is aangelegd. De meeste
reizigers zullen hun route begonnen zijn in Banff, de hoofdstad' van Banff National
Park, in Alberta, maar al verlaten ze voorlopig dat prachtige nationale park niet, de
Icefields Parkway begint pas bij het even beroemde Lake Louise. Net ten noorden van dit
meer begint de parkway, terwijl de Transcanada Highway westwaards de bergen overgaat.
Vandaar gaat het richting Jasper, de hoofdstad van het andere beroemde park, Jasper
National Park, langs de hoogste toppen en beste vergezichten van de Canadese Rockies.De Icefields Parkway heeft een gemiddelde hoogte van 1700 meter en daarmee is het een van de hoogste wegen van Canada. De lengte is niet meer dan een 200 kilometer, een afstand die de meeste toerbussen maar een paar uur kost, maar die zien dan ook niets van de echte schoonheid van dit gebied. Wie hier op bezoek komt moet geen haast hebben. Icefields Parkway ligt in de schaduw van de Continental Divide, de waterscheiding vanwaar het regenwater aan de ene kant naar het westen stroomt, aan de andere naar het oosten. Hij voert langs meer dan honderd gletsjers, tientallen watervallen en langs indrukwekkende bergmassieven. Hier ziet u de meest geliefde landschappen van Canada, zo mooi dat de Canadezen bijvoorbeeld Morraine Lake op hun twintig dollar biljet gezet hebben. Lake Louise is het startpunt. Daar kunt u bijvoorbeeld bij de Lake Louise Visitor Reception Centre, in Samson Mall, de nodige informatie krijgen. Chateau Lake Louise is een klassiek onderkomen in elegante (en dure) stijl maar dan moet u wel goed vooruitplannen en minstens een jaar van tevoren een reservering maken. Eenmaal op weg is Mount Hector het eerste herkenningspunt. De 3400 meter hoge bergtop is herkenbaar aan zijn een uit lagen opgebouwde top. Hector Lake Vieuwpoint ligt zestien kilometer van de vork met de Transcanada Highway. Het uitzicht wordt er beperkt door de bomen, maar toch is de het groenblauwe water onder een massieve wal van steen een aardige binnenkomer. Bow Peak, te zien in noordelijke richting, is maar 2800 meter hoog maar omdat hij helemaal apart staat van de Waputik Range wordt er veel berggeklommen. In de verte, aan het noordoostelijk einde van Hector Lake, ligt Mount Balfour. Bow Leak biedt zicht op de Crowfoot Glacier en een goed inzicht in hoe gletsjers tot stand komen. De laatste vijftig jaar heeft deze gletsjer zich een heel eind teruggetrokken, zodat de klauwen' niet meer tot de basis van de rotsen reiken. Het meer zelf is een van de moooiste langs de Icefields Parkway. Het kan hier kouder zijn dan u denkt' zegt een bord op de top van de Bow Summit, een pas op 2068 meter hoogte. U bent dan Bow Lake gepasseerd en voor u in de diepte ligt Peyto Lake, een intens groen stuk water. Vlak bij de pas, neerkijkend op de huiverende bezoeker, ligt Mount Jimmy Simpson, genoemd naar de laatste en grootste van de Canadese mountain men'. Jimmy Simpson Sr. was een pionier, een wildernismens die in de jaren twintig hier de eerste lodge bouwde. Drie kilomter verder op de parkway is een uitzichtpunt vanwaaruit u de Peyto Glacier kunt zien, deel van het gigantische Wapta Icefield, dat als een deken over de Continental Divide heenligt en aan de westelijke kant uitkomt in Yoho National Park. Na Peyto Lake volgt de weg de vallei van de Mistaya, het woord dat de Cree-indianen gebruikten voor grizzly beer. Mistay Lake is een drie kilometer lang meer, beneden in de vallei, tussen de weg en de continental divide, maar onzichtbaar vanaf de weg. het beste uitizcht hierop heeft u vanaf Howse Peak Viewpoint bij Upper Waterfowl Lake. De Waterfowl Lakes bieden de meeste kans op wild, met name elanden. Bij The Crossing (zo heet het echt) buigt die rivier af naar de North Saskatchewan River en gaat de weg weer omhoog naar de Sunwapta Pass. Het weer kan alle kanten op in dit gebied, met tot diep in de lente sneeuwbuien op Bow Summit. Maar het wordt nooit echt zomer op Athabasca Glacier, ongeveer halverwege de parkway, bij de Sunwapta Pass van 2035 meter hoogte, de scheidslijn tussen Jasper en Banff National Parks. De Athasbasca Glacier is meer dan zes kilometer lang en heeft een oppervlakte van 326 vierkante kilometer, is een uitloper van het Columbia Icefield, het grootste veld van ijs en sneeuw in Noordamerika buiten de poolgebieden. Dit is een overblijfsel van de laatste ijstijd die Canada 20.000 jaar geleden helemaal bedekte. Dank zij de hoogte, de koude en de zware sneeuwval heeft deze gletsjer overleefd. De gletsjer dankt veel van zijn schoonheid aan de omringende bergtoppen. De meeste bezoekers kiezen voor een ritje in een verwarmde snowcoach maar de enige manier om de gletsjer echt te ervaren is de wandelschoenen aan te trekken en op pad te gaan. Dat moet u echter niet op uw eentje doen, want u ligt zo in een diepe spleet die door de sneeuw was verborgen. Het is een wereld van zon, blauw ijs, scheuren van onpeilbare diepte en met duistere donkerte, altijd in beweging maar zonder dat je het merkt. Als ik mezelf erop toe kon leggen te luisteren', schreef de Canadese auteur Thomas Warton, dan zou ik de gletjser horen botsen met dit rotseiland, erop rollend als golven en water worden'. Het Columbia Icefield wordt wel de 'moeder van de drie rivieren' genoemd omdat het drie grote rivierenstelsels van water voorziet: de Columbia, de Athabasca en de Sskatchewan. U bent dan al in Jasper National Park, het grootste park in de Rockies. De weg volgt de Sunwapta rivier, onder meer langs de Sunwapta Falls en de Atahabasca Falls. De Icefields Parkway volgt Route 93 maar de zijweg Route 93A is ook zeer de moeite waard (dit was ook het oorspronkelijk traject van de Icefields Parkway). Vandaar kunt u ook Mount Edith Cavell bereiken, een besneeuwde rotskap die steil uit de Angel Glacier oprijst tot een hoogte van 3363 meter. Van de parkeerplaats leidt een wandelpad, The Path of the Glacier Trail, over de morenen naar mooie uitzichtpunten. Vandaar is het nog maar een klein stukje naar Jasper, de tweelingstad van Banff, die veel minder ontwikkeld en, volgens velen, veel minder bedorven is dan het over-geëxploiteerde Banff. Maligne Lake ligt niet aan de parkway, maar ongeveer 48 kilometer ten zuidoosten van Jasper. Het drukste seizoen op de Icefields Parkway is natuurlijk de zomer, ruwweg tussen midden juni en midden september. De andere seizoen hebben daardoor meer te bieden voor de bezoeker die gesteld is op enige rust, maar het weerrisico is groter en niet alle faciliteiten zijn geopend. Maar de Parkway heeft vele gezichten en dat met stralend blauwe lucht is er maar één van.
|
|
|
|